Bewegen lijkt simpel maar is een complex proces. In elke beweging werken drie systemen samen: het brein dat de beweging plant, het ruggenmerg dat signalen doorgeeft en de spier die het signaal omzet in kracht. Wanneer de verbinding tussen deze systemen verstoord raakt neemt de kracht af.
Een zenuw stuurt elektrische signalen naar de spier. Hoe meer signalen, hoe sterker de spier aanspant. Als die signalen verzwakken door druk, ontsteking of irritatie bereikt de spier minder informatie. Daardoor ontstaat een krachttekort. De spier zelf is dan niet beschadigd maar krijgt te weinig aansturing.
Parese kan mild zijn of duidelijk merkbaar. Soms kun je nog steeds bewegen maar minder krachtig. Soms lukt een beweging helemaal niet meer. Het patroon hangt af van de zenuw die betrokken is en hoeveel de signalering is verstoord.




