Elke wervel heeft twee kleine gewrichten aan de achterkant: één links en één rechts.
Ze verbinden de wervels met elkaar en sturen de beweging van de rug.
De gewrichtsvlakken zijn bekleed met kraakbeen en omgeven door een dun gewrichtskapsel met zenuwuiteinden.
Wanneer het kraakbeen dunner wordt en het kapsel geïrriteerd raakt, ontstaat er pijn of stijfheid.
Omdat de zenuwen van het facetgewricht ook signalen naar de spieren sturen, kan de rug reflexmatig verkrampen.
Daardoor voelt het soms alsof de rug “op slot” zit.




