Het SI-gewricht werkt als een stabiele maar veerkrachtige verbinding.
Het vangt krachten op van lopen, tillen en draaien en verdeelt deze over de wervelkolom en het bekken.
De beweging is minimaal, slechts enkele millimeters, maar essentieel voor stabiliteit.
De gewrichtsvlakken zijn onregelmatig van vorm, waardoor ze als een soort puzzel in elkaar passen.
Sterke banden (ligamenten) houden alles op zijn plaats.
Een klein functieverlies kan echter al leiden tot asymmetrie in het bekken en spanning in de onderrug.





